Ventilatiesysteem D

Ventilatiesysteem D : ventilatie met warmteterugwinsysteem

Hoe gaat het in zijn werking?

Bij dit systeem worden de in het Bouwbesluit genoemde ruimten geventileerd door af- of toe te voeren. De aard van de ruimte bepaald de hoeveelheid toe- en of af te voeren lucht. Hiervoor zijn in het Bouwbesluit de minimum eisen opgenomen. De natte ruimten en de keuken worden afgezogen. Slaapkamers en woonkamer worden toegevoerd. De som van de toevoer lucht is gelijk aan de som van de afvoerlucht om het systeem in balans te krijgen (balansventilatie). Zoals gezegd geeft het Bouwbesluit minimale luchthoeveelheden aan en veelal verdient het aanbeveling de waarden hoger te kiezen om een echt goed systeem te verkrijgen. Dit geldt vooral bij utiliteitsgebouwen.

Afzuiging: Via ventilatieopeningen aangesloten op de ventilator d.m.v. een kanalensysteem, wordt in de keuken, badkamer(s), toilet(ten) en event. werkkast en bijkeuken (afhankelijk van de afmetingen) wordt de vervuilde lucht afgevoerd. De ventilatieopeningen worden voorzien van een instelbaar ventilatieventiel om de juiste hoeveelheid lucht op de juiste plaats te bewerkstelligen.
Toevoer: Via ventilatieopeningen aangesloten op het kanalensysteem gekoppeld aan de ventilator, wordt verse buitenlucht toegevoegd in slaapkamers, woonkamer en hal. WTW systeem: In het WTW (warmteterugwinning) systeem worden de toe-en afvoerlucht door een warmteterugwinunit geleidt. De afvoerlucht geeft in de unit, via de warmtewisselaar, warmte af aan de toevoerlucht, welke op die wijze voorverwarmd de woning binnentreed. Doordat er geen koude buitenlucht wordt toegevoerd, bespaart men aanzienlijk op energiekosten voor het verwarmen van het gebouw. Onze warmteterugwin-units hebben een rendement van ca 95% en gelijkstroommotoren waardoor ze het mede mogelijk maken om de EPC norm te behalen.
Nadeel: Hogere aanschafkosten i.v.m een dubbel leidingsysteem (afzuig en toevoer) meer arbeid en meer leidingwerk en hoger aanschafprijs van de ventilatie-unit.
Voordelen: Energiekosten besparing, geen koude trek,  hoge EPC reductie voor het behalen van de EPC norm en de ventilatiewaarden (luchttoevoer en afvoer) zijn altijd in balans (balansventilatie).